12% van de Belgische jonge bestuurders rijdt maandelijks minstens eenmaal onder invloed van drugs. Rijden onder invloed van drugs lijkt daarmee een even groot verkeersveiligheidsprobleem als alcohol achter het stuur te worden. 6% van de Belgen geeft ook toe foto’s te maken achter het stuur. Dat zijn enkele opvallende resultaten uit de 7de Nationale VerkeersONveiligheidsenquête van Vias institute. Voor het eerst werd ook gepeild naar het draagvlak van enkele mobiliteitsmaatregelen. Zo blijken de meningen over rekeningrijden zeer verdeeld, al is het draagvlak in Vlaanderen beduidend groter dan in Wallonië.

De Nationale VerkeersONveiligheidsenquête van Vias institute is een bevraging die al voor de zevende keer naar het onveiligheidsgevoel van de Belg in het verkeer peilt. Daarnaast wordt dit jaar voor het eerst de Belg zijn mening gevraagd over enkele mogelijke beleidsmaatregelen rond mobiliteit. Dit jaar werd in de Nationale VerkeersONveiligheidsenquête een representatieve steekproef van 6055 respondenten bevraagd. 

1 op de 8 Belgische jonge bestuurders rijdt elke maand onder invloed van illegale drugs

12% van de Belgische jonge bestuurders tussen 18 en 34 jaar geeft toe maandelijks wel eens onder invloed van illegale drugs te rijden. Rijden onder invloed van drugs vormt daarmee een bijna even grote bedreiging voor de verkeersveiligheid als rijden onder invloed van alcohol. Vooral jongeren zijn gevoelig voor deze problematiek. Zo geeft 17% van de Waalse en 20% van de Brusselse jongeren tussen 18 en 34 jaar toe dat ze in de afgelopen maand onder invloed van drugs hebben gereden. In Vlaanderen is dat ‘slechts’ 7%. In totaal geven 5% van de Belgen toe elke maand minstens een keer onder invloed van illegale drugs te rijden. Gerichte sensibilisering is nodig, net zoals doelgerichte controles. Vias institute hoopt dat de speekselanalyse dus snel en op grote schaal door de politie kan gebruikt worden.

6% van de Belgen neemt foto’s achter het stuur

Een grote bron van afleiding blijft de gsm in de wagen. 1 op de 10 Belgen belt maandelijks nog met de gsm in de hand achter het stuur. Meer en meer wordt de gsm ook nog voor andere zaken gebruikt. Zo geeft 9% van de Belgen toe dat ze sociale media achter het stuur gebruiken. 6% neemt zelfs al rijdend foto’s achter het stuur.

Onveiligheidsgevoel stijgt bij gebruikers openbaar vervoer  

Voor het openbaar vervoer hebben we voor het eerst het onveiligheidsgevoel voor alle vormen (trein, metro, tram en bus) apart bevraagd. Voor alle types van openbaar vervoer noteren we een stijgend onveiligheidsgevoel de laatste jaren. Deze stijging komt niet noodzakelijk doordat het openbaar vervoer zelf verkeersonveiliger geworden is, maar valt mogelijk te verklaren door het subjectieve onveiligheidsgevoel op trein, tram, metro en bus dat toegenomen is.

De gemotoriseerde tweewielers voelen zich van alle vervoersmiddelen het onveiligst in het verkeer. Zo voelen motorrijders zich significant onveiliger in Wallonië dan in Vlaanderen of Brussel.

We stellen daarnaast vast dat er een lichte stijging is in het onveiligheidsgevoel van de autobestuurders tijdens de laatste twee jaar. Nochtans is het aantal ongevallen met doden en gewonden gedaald.

Het onveiligheidsgevoel voor zowel autobestuurders als passagiers is van alle wegen het hoogst op autosnelwegen. Deze wegen zijn per afgelegde kilometer in principe het meest veilig. De Belg ervaart dus duidelijk een verschil tussen de objectieve veiligheid en zijn subjectieve veiligheidsgevoel. 

Openbaar vervoer steeds populairder

Bijna 8 op de 10 Belgen hebben zich in het afgelopen jaar verplaatst als bestuurder van een wagen. De auto blijft daarmee veruit het populairste vervoersmiddel.

Het percentage mensen dat het openbaar vervoer nam, steeg wel fors (van 41% in 2017 naar 48% in 2018). Het openbaar vervoer is vooral in Brussel zeer populair. 72% van de Brusselaars gebruikte de trein, tram, metro of bus. Dat is een stijging met 9% ten opzichte van een jaar eerder. In Wallonië gebruikte slechts 36% in het afgelopen jaar het openbaar vervoer. In Vlaanderen gebruikte exact de helft van de mensen het openbaar vervoer (in 2017 was dat 43%).

Ongeveer de helft van de Belgen (47%) gebruikte vorig jaar ook wel eens de fiets. Fietsen is veruit het populairst in Vlaanderen. 63% van de Vlamingen fietste vorig jaar. In Brussel (28%) en Wallonië (25%) ligt dat percentage veel lager.

De gewone fiets werd door 37% van de Belgen gebruikt en blijft nog steeds populairder dan de elektrische fiets (13%). De meeste elektrische fietsgebruikers verplaatsen zich wel enkel nog met een elektrische fiets en niet meer met een gewone fiets.

Voor het eerst werd gepolst hoe populair voortbewegingstoestellen zoals elektrische steps, éénwielers en skeelers zijn. 3% van de Belgen gebruikte in het afgelopen jaar zo een voortbewegingstoestel om zich te verplaatsen. Dat is even hoog als het percentage mensen dat in het afgelopen jaar met de motor reed. In Brussel gebruikte maar liefst 6% van de mensen een voortbewegingstoestel.

Draagvlak voor kilometerheffing groter in Vlaanderen dan in Wallonië

Om de files terug te dringen moeten meer mensen overtuigd worden om niet elke verplaatsing met de wagen te doen, maar meer gebruik te maken van onder andere het openbaar vervoer en de fiets. Verschillende maatregelen zijn hiervoor mogelijk.

Meer dan 8 op de 10 Belgen (83%) is voorstander van investeringen in een betere weginfrastructuur voor fietsers. 65% wil ook dat er geïnvesteerd wordt in de aanleg van fietssnelwegen. 60% wil ook zijn ticket voor één traject met meerdere transportmiddelen via één enkele app of mobiliteitskaart kunnen aankopen.

Daarnaast zijn de meningen fel verdeeld over de slimme kilometerheffing. Bijna 4 op de 10 Belgen (39%) is voorstander van de invoering. Ongeveer een even groot percentage mensen (38%) is tegen. De regionale verschillen zijn wel groot. In Vlaanderen is 43% voorstander en 33% tegen, in Wallonië is 29% voorstander en bijna de helft (49%) tegen een slimme kilometerheffing waarbij de bestaande wegentaks vervangen wordt door een bedrag dat je moet betalen in functie van onder andere het tijdstip, het aantal afgelegde kilometers of de route die je volgt.

De fileproblematiek is groter in Vlaanderen dan in Wallonië en dat kan het verschil qua draagvlak voor het invoeren van deze maatregel mogelijk verklaren.

Karin Genoe, CEO Vias institute:‘Deze Nationale VerkeersONveiligheidsenquête toont aan dat drugs achter het stuur een belangrijk verkeersveiligheidsprobleem is. Een gerichte sensibilisering naar jongeren én een verhoging van de pakkans zijn essentieel om dit fenomeen een halt toe te roepen. Uit de enquête blijkt uit dat een grote groep Belgen openstaat voor het invoeren van maatregelen die zijn mobiliteit kunnen verbeteren zoals een slimme kilometerheffing. Belangrijk is om daarbij de burgers goed te informeren over het nut van deze maatregel en ook te investeren in alternatieven voor de wagen’.

François Bellot, Federaal Minister van Mobiliteit:’ Het doet me plezier dat het openbaar vervoer in heel het land steeds populairder wordt. Wat de trein betreft, bevestigt dat dat tendens die we zien bij de NMBS. Daar is het aantal reizigers voor het tweede jaar op rij met meer dan 3% gestegen. Ons vervoer verloopt trouwens steeds multimodaler, dat blijkt uit het succes van de voortbewegingstoestellen. In de toekomst moeten we vooral er nog meer op inzetten dat al deze vervoerswijzen beter op elkaar afgestemd worden. In die zin is de vraag naar één enkele app of mobiliteitskaart om allerhande transportmodi te combineren een interessante denkpiste.’

Alle resultaten via enquetevias.be