Vorig jaar gebeurden in ons land elke dag 10 verkeersongevallen waarbij een kind jonger dan 15 jaar gewond raakte of stierf. De ongevallen met kinderen komen voornamelijk voor tijdens de aanvang en het einde van de schooluren. In bijna de helft van de ongevallen verplaatste het kind zich met de fiets of te voet. Tussen 11  en 14 jaar is het aantal slachtoffers het grootst. Deze cijfers staan in een nieuw themarapport van Vias institute over kinderen dat gepubliceerd wordt een week voordat het nieuwe schooljaar begint.

In België werden er in 2017 bij kinderen jonger dan 15 jaar 14 verkeersdoden geteld. 10 jaar geleden vielen er nog 36 verkeersdoden en in 1992 waren er dat zelfs nog 90. Ook het aandeel in het totale aantal verkeersdoden is afgenomen, van 5% begin jaren ’90, naar 2% nu. Toch gebeuren er nog elke dag 10 ongevallen waarbij een kind gewond raakt (3602 in totaal). In 2007 waren er dat nog bijna 15 per dag.

Bijna de helft van de slachtoffers jonger dan 15 jaar is trouwens een fietser (24%) of voetganger (23%).

Stijging aantal slachtoffers vanaf 11 jaar

De minste slachtoffers vallen bij kinderen die één jaar oud zijn, terwijl de meeste slachtoffers worden geregistreerd bij de 14-jarigen. Algemeen zien we dat het aantal slachtoffers sterker begint te stijgen vanaf de leeftijd van 11 jaar. Dit is typisch een leeftijd waarop vele kinderen zelfstandig naar school beginnen te gaan. Het is dus absoluut belangrijk om hen goed voor te bereiden op dit moment.

Net zoals bij alle verkeersslachtoffers zien we ook bij kinderen dat jongens vaker betrokken raken in een verkeersongeval. Dit verschil wordt groter vanaf de leeftijd van 10 jaar en neemt daarna nog verder toe.

Aantal verkeersslachtoffers per 100.000 inwoners naargelang de leeftijd en het geslacht, 0-14 jaar (2015-2017).

Bron: Statbel (Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium)

Piekmomenten aantal ongevallen na schooltijd en op woensdagmiddag

De grootste pieken van het aantal ongevallen met gewonden bevinden zich op weekdagen tussen 16 en 17u en op woensdagmiddag om 12 uur, een tijdstip dat eveneens samenvalt met het einde van de school. Tijdens de nachten – en vooral de weekendnachten - is het aandeel verkeersslachtoffers bij kinderen dan weer veel kleiner dan bij het totale aantal slachtoffers.

59% van de ongevallen waarbij een kind het slachtoffer is, gebeurt binnen de bebouwde kom. Dit aandeel ligt hoger dan het gemiddelde aandeel over alle leeftijden (51%). De meeste ongevallen die op het schooltraject plaatsvinden, doen zich voor binnen een straal van 300m buiten de zone 30 rond een school. 

Grote verantwoordelijkheid voor de ouders

Ouders spelen een belangrijke rol in de verkeersveiligheid van kinderen. Ze bepalen door de beperkte zelfstandigheid van kinderen grotendeels het transportmiddel dat de kinderen gebruiken. Door kennis en vaardigheden aan te leren aan hun kinderen dragen ze actief bij aan de verkeerseducatie.

Ouders beïnvloeden rechtstreeks de verkeersveiligheid van kinderen wanneer ze deze vervoeren met de wagen. Kinderen tot 1m35 moeten in een aangepast kinderbeveiligingssysteem vervoerd worden. Volgens een recente studie van Vias institute is slechts 23% van de kinderen correct vastgemaakt in een aangepast kinderzitje. 13% van de kinderen is zelfs helemaal niet vastgemaakt.

Ook wanneer kinderen als passagier met de fiets vervoerd worden, moeten ze correct in een aangepast systeem geïnstalleerd worden. Uit recent internationaal onderzoek blijkt trouwens de fietskar een veiligere vervoerswijze voor kinderen te zijn dan het fietszitje. De kooiconstructie van de fietskar beschermt de kinderen en zorgt ervoor dat bij botsingen met een auto de fietskar wegschuift in plaats van omvalt. Daarnaast is de afstand tussen het kind en de grond bij een valpartij minder groot wanneer het kind in een fietskar zit.

Vanaf welke leeftijd alleen naar school?

Ouders stellen zich vaak de vraag vanaf welke leeftijd ze hun kind alleen naar school kunnen laten gaan. Dat hangt van veel factoren af zoals: de weg naar school, de verkeersdrukte op het traject (snel of traag verkeer), de maturiteit van het kind, zijn ervaring in het verkeer, etc. Studies hebben aangetoond dat voor de leeftijd van 8-9 jaar kinderen niet in staat om alle verkeerssituaties in te schatten. Je mag je kind dus niet overschatten. De eerste trajecten moet op voorhand dus goed bestudeerd en ingeoefend worden door kinderen én de ouders.

Praktische tips voor de ouders

Tips als je kind te voet naar school gaat

  1. Overloop het traject met je kind vooraleer hij het alleen moet afleggen. Toon je kind de plaatsen die potentieel gevaarlijk kunnen zijn zoals opritten, garages, parkings, kruispunten, etc.
  2. Leer je kind veilig over te steken. Dus niet al lopend en door altijd eerst oogcontact te maken met de bestuurders. Zo weet je kind zeker dat hij gezien is.
  3. Maak je kind duidelijk om altijd ruim op tijd te vertrekken, zodat het op geen enkel moment moet lopen op zijn weg naar school.

Tips als je kind met de fiets naar school gaat

  1. Oefen de veiligste route naar school verschillende keren op voorhand.
  2. Schat in of je kind in staat is om alleen naar school te rijden: kan hij achter zich kijken en zijn arm uitsteken zonder zijn evenwicht te verliezen? Kan hij de snelheid van de andere voertuigen goed inschatten?
  3. Zorg dat je kind altijd goed zichtbaar is en laat het een fietshelm dragen.

Tips als je je kind met de auto naar school brengt

  1. Als je kind kleiner is dan 1m35, maak het dan altijd correct vast in een aangepast kinderzitje.
  2. Vertrek ruim op tijd thuis, zo vermijd je dat je je onderweg moet haasten.
  3. Parkeer je altijd reglementair, zelfs al is het maar voor twee minuten. Een slecht geparkeerd voertuig kan verhinderen dat een overstekend kind goed ziet. Bovendien is het kind mogelijk dan niet goed zichtbaar is voor anderen.